Sagoballetjes.

Sagoballetjes, uit het verre oosten.

Sagoballetjes zijn kleine balletjes van zetmeel, bereid van het zetmeelachtige merg van de sagopalm.
De boom is inheems in de moerassen van Maleisie, de Filipijnen en India.
Op 15 jarige leeftijd gaat de boom bloeien, en vlak daarvoor bouwt de boom een grote hoeveelheid zetmeel op.
Sago bestaat voor het overgrote gedeelte uit koolhydraten en bijna geen vitaminen en al helemaal geen vetten of eiwitten.Sagoballetjes worden hoofdzakelijk als nagerecht gegeten.
Ze worden in gezoete melk, water of kokosmelk gekookt tot ze transparant zijn.
sagoballetjes

Hoe te gebruiken?

Nooit opzetten in koud water, want dan lossen ze (gedeeltelijk) op.
De balletjes in zeer ruim kokend water met een snufje zout koken tot ze doorzichtig zijn.
Bij kleine balletjes duurt dat ongeveer 20 minuten, bij grotere soms wel anderhalf uur.

Spoel er een paar af om te testen of ze goed zijn. Dan in een zeef afgieten, goed koud afspoelen en mengen met een siroopje, op smaak gebrachte kokosmelk of iets anders lekkers.
De balletjes worden ook wel in afgepast suikerwater gekookt dat niet wordt afgegoten, het resultaat is een meer stijfselpapachtige pudding.
Ongekookte balletjes zijn lang houdbaar. Gekookt en gekoeld ongeveer drie dagen.

sagoballetjes